Contacteer ons voor uw persoonlijke account op
info@incontrol-automation.com
Tab content.
Klik op de afbeelding om het de locatie aan te geven van de installatie.
Werkomstandigheden bepalen voor een groot deel de prijs. Vul zo nauwkeurig mogelijk in.
Content for tab 2.
Vul het aantal dozen of bakken/u in dat maximaal over het transportsysteem getransporteerd wordt op een bepaalde plaats.
Er mag geen hogere capaciteit ingevuld worden dan het systeem mechanisch voor ontworpen werd.
Een hogere capaciteit stelt hogere eisen naar software, elektrische uitvoering & (eventuele) communicatie met een WMS systeem.
Gebruikelijke waarden zijn van 700-1500 items/u
Een transport van plastic bakken is makkelijker dan kartonnen dozen omdat de afmetingen vast zijn en de mechanische geleidingen minder kritisch zijn. Bij een zwart oppervlak (dit kan ook onderkant bak zijn) moet met sensoren met reflector gewerkt worden ipv traditionele sensoren. Een kleine kartonnen doos is een doos waarvan de lengte of breedte kleiner is dan de halve transportbaanbreedte.
Een koppeling met het WMS (Warehouse Management System) kan uitgevoerd worden via de OPC-standaard, of het kan een op maat gemaakte koppeling zijn. Een koppeling kan ook niet nodig zijn, wanneer er zonder barcodelezers gewerkt wordt of de routing-informatie in de barcodetekens zelf vervat zit.
Content for tab 1.
Het aantal motoren voor aansturing van een typische transportbaan MET CONTACTOR. Het vermogen is tussen de 0,1 en 0,6 kw/motor. De motor bevindt zich op max 1,5m van de vloer. De baanlengte per motor bedraagt tussen de 10 en 20 meter.
Het aantal motoren op transportbanden. Bij frequent starten worden deze voorzien van een zachte aanloop.
Tel alle motorized rollers/belt-over-rollers (BOR) waarbij een 24V gestuurde gelijkstroommotor gebruikt wordt, inclusief deze van sorter, switches,...
Elke zone wordt voorzien van een fotocel-sensor. BOR vereist een aangepaste plaatsing van fotocellen.
Content for tab 3.
Een merge brengt de goederenstroom van 2 banen samen naar 1 baan door te ritsen. Een merge van 3 naar 1 wordt ingegeven als 2 aparte merges. Er kunnen al dan niet stoppers voorzien zijn. Een switchsorter doet het tegenovergestelde en brengt op een vloeiende manier 1 lijn naar 2 lijnen.
Een overzetter bevat een element dat bakken een verschuiving doet maken loodrecht op de transportrichting. Hiervoor wordt een pneumatische pusher gebruikt of een ketting/beltoverzetter. Een overzetter kan met of zonder stoppers voorzien zijn. Een beltoverzetter heeft steeds z'n eigen aandrijving (motor) .
Een sorter bevindt zich op het einde van de transportflow en zal de lading op loodrechte banen uitsorteren vlak naast elkaar.
De uitvoerbanen van een sorter met pushers of kettingoverzetterzijn voorzien van een volmelding + meldingslamp.
Indien er aangedreven rollen zijn op de uitsorteerbaan, dienen deze te worden ingegeven onder 'motorized rollers'
De intralox sorter is een hoge capaciteitssorter tot 3000 dozen/uur. Deze draait ononderbroken, er zijn dus geen volmeldingen of bijhorende lampen. De uitsortering gebeurt door middel van ventielen te sturen.
Tab content.
Deze lift ( bvb type Quimarox MK1) wordt gestuurd door 1 motor en heeft een laadplatform voor 1 of 2 bakken/dozen. De hoogtebepaling is via meegeplaatste sensoren of een incrementele encoder. Toegang tot de lift (schacht) is via beveiligde deuren.
Een continulift (bvb type Quimarox MK5) heeft verschillende vorken, waarbij elke vork om de +/- 6s een bak/doos opneemt. De in- en uitvoerposities kunnen vast zijn ( 1 ingang/1 uitgang) maar kan ook via pneumatiek geactiveerd worden. Toegang tot de lift is enkel mogelijk via veiligheidsdeuren.
Een spiraalconveyor zal bakken op- of neerwaarts transporteren. Er wordt een bewaking voorzien op mechanisch falen ( bvb blokkering of bandbreuk)
Tab content.
Een kruisscanner van het type SICK-CLV690 is geschikt om omnidirectioneel verzendlabels te lezen op pakketjes. De scanner typisch op ca 1,5 meter gepositioneerd boven de bovenzijde vd hoogste doos.
Een lijnscanner van het type SICK CLV62x wordt gebruikt om 2D-barcodes te lezen. De codes dienen een witboord te hebben van 5mm links en rechts. De optimale leesafstand is tussen 15 en 22 cm.
Een camera , voorzien van bijhorende belichting , fotografeert het pakketje en de foto wordt in een jpeg bestandsformaat opgeslagen. De klant stelt een (virtuele) PC ter beschikking waarop de communicatie-software met de camera loopt.
Een weegschaal-aansturing kan continu werken of een doosje telkens laten stoppen, afhankelijk van de gewenste nauwkeurigheid die behaald dient te worden. Het gewicht wordt doorgestuurd naar de PLC voor verdere verwerking. Exclusief uitleesunit ( Holland Weegtechniek, type RS232) , want deze wordt bij de weegschaal geleverd.
Tab content.
Vul hier de extra pneumatische elementen in, die géén deel uitmaken van een sorter, overzetter, switch of merge. Bij voorbeeld: stoppers om extra buffer te creeëren, stoppers om een tussenruimte te creëren,...
Het betreft hier machines op de baan zoals doosvouwers, doossluiters of tapers. De integratie gebeurt via potentiaalvrije contacten. Standaard zijn deze machines er niet op voorzien om de noodstopsignalen te kunnen koppelen.
De printer-applicator zal een etiket afdrukken en op een doos kleven. Er is steeds een koppeling tussen PLC en WMS noodzakelijk hiervoor. Alle IO signalen van de printer-applicator worden binnengelezen in de PLC.
Alle elementen op de baan waarbij de kabels niet zomaar via de kabelgoot verder geleid kunnen worden. Bestaat een klapsectie uit 2 delen dan telt ze dubbel. Wanneer de optie 'geschikt voor wagentjes/transpallet' NIET aangevinkt is, zullen de kabels onder een beschermende plaat bovenop de vloer gelegd worden.
Vul het aantal knoppen / schakelaars in die bijkomend (tegen de baan) gemonteerd worden. Bij voorbeeld: activeren van een werkstation, doorschuiven bakken bij pick-to-light, ...
Tab content.
Een accumulatiezone is een zone van ca1 meter lang waarop 1 pallet past. Deze wordt gestuurd via een aparte motor en wordt voorzien van een sensor.
Een baanstuk is hetzelfde maar hierop passen meerdere pallets.
Een overzetter is pneumatisch gestuurd voor de op/neer beweging en heeft 2 motoren om de overzetketting aan te drijven en 1 motor voor aandrijving van de rollen..
Een draaitafel bevat 2 motoren: 1 motor om de tafel te draaien (0..360°) en de andere motor om de rollenbaan te bewegen. Deze wordt voorzien van de nodig fotocellen.
Een palletlift wordt gestuurd door 1 motor met rem voor de hijsbeweging, en bevat reeds een kabelrups voor het plateau. De positie-sensoren worden door de fabrikant meegeleverd met de lift. Er zijn in en uitvoeren van links en rechts mogelijk. Tel alle in- en uitvoerpunten samen voor alle liften en noteer deze.
Tab content.
Druk op de knop om de prijsvraag te versturen
Paragraph